iconGrondslagen voor waardering en resultaatbepaling

Voor gemeenten gelden de verslagleggingsregels vastgelegd in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De jaarrekening 2018 is in overeenstemming met deze regelgeving samengesteld met uitzondering van:

Beleidsindicatoren
Het BBV geeft aan dat in de programmaverantwoording de mate waarin de doelstellingen zijn gerealiseerd ten minste worden toegelicht aan de hand van de wettelijk voorgeschreven beleidsindicatoren. We hebben er voor gekozen om de genoemde beleidsindicatoren vooralsnog in een bijlage (4.3) bij de jaarstukken op te nemen. De indicatoren geven voor ons op dit moment nog niet de gewenste sturingsinformatie.

Vaste activa

Materiële vaste activa
De materiële vaste activa worden onderverdeeld in:

  • investeringen met een economisch nut
  • investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven
  • investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut   

Investeringen hebben een economisch nut indien ze verhandelbaar zijn en/of indien ze kunnen bijdragen aan het genereren van middelen.

Alle investeringen worden (met ingang van 2017) geactiveerd.
Voorzieningen voor vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven, worden in mindering gebracht op de betreffende investeringen.

De investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut, waarvan de kredieten beschikbaar zijn gesteld tot en met 2006, zijn ineens afgeboekt ten laste van het resultaat.

De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs onder aftrek van ter zake ontvangen subsidies en bijdragen van derden en (extra) afschrijvingen. De verkrijgingsprijs bestaat uit de inkoopprijs en bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs bestaat uit aanschaffingskosten van gebruikte grond- en hulpstoffen en overige kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. Rente wordt niet toegerekend. Op activa wordt afgeschreven op basis van de verwachte toekomstige gebruiksduur. De afschrijvingen sluiten aan bij het verloop van de waardevermindering. In beginsel wordt lineair afgeschreven. In bijzondere situaties wordt annuïtair afgeschreven.

Afschrijvingstermijnen zijn opgenomen in de Financiële verordening, art.9, bijlage afschrijvingsbeleid (2017).

Financiële vaste activa
Hieronder vallen onder meer kapitaalverstrekkingen, leningen, overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van een jaar of langer en bijdragen aan activa in eigendom van derden. Bij kapitaalverstrekkingen valt te denken aan bijvoorbeeld deelnemingen in gemeenschappelijke regelingen en overige verbonden partijen waaraan bijdragen ineens zijn verstrekt. Bij leningen kan gedacht worden aan leningen aan woningcorporaties, deelnemingen overige verbonden partijen en overige langlopende leningen. Voor de verwerking van financiële activa wordt het BBV gevolgd. 

De financiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs of de lagere marktwaarde indien deze is in te schatten.

Vlottende activa

Voorraden
De onder de voorraden opgenomen grondcomplexen en voorraad te verkopen kavels zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs, inclusief de aan de boekwaarde toegerekende rente, onder aftrek van verkoopopbrengsten en overige bijdragen. Er worden geen kosten voor niet in exploitatie genomen gronden geactiveerd zonder dat hiervoor een reëel en stellig voornemen voor nabije toekomstige bebouwing bestaat.
De hoogte van de kosten blijft beperkt tot de marktwaarde van de grond overeenkomstig de gestelde uitspraken van de commissie BBV. Het treffen van een afboeking of voorziening gebeurt bij een geprognosticeerd verlies direct ter grootte van dit volledige verlies. Een verliesvoorziening wordt in mindering gebracht op de boekwaarde.

Vorderingen
De vorderingen zijn opgenomen tegen nominale waarde onder aftrek van een voorziening voor dubieuze vorderingen. De voorziening dubieuze vorderingen is bedoeld als waardecorrectie op de nominale waarde.

Overige activa en passiva

De overige activa en passiva zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Grondslag voor de bepaling van baten en lasten

Bij de bepaling van de baten en lasten is het toerekeningsstelsel gehanteerd. Dit wil zeggen dat de baten en lasten alsmede de risico's die hun oorsprong vinden vóór het einde van het begrotingsjaar, worden verwerkt in de jaarrekening van dat jaar. Baten worden opgenomen op het moment dat deze zijn gerealiseerd; lasten worden verwerkt op het moment dat deze zich voordoen.