iconOver de ongebonden heffingen

De ongebonden heffingen zijn:

  • onroerendezaakbelastingen;
  • reclamebelasting;
  • forensenbelasting;
  • toeristenbelasting.

Onroerendezaakbelastingen (OZB)

Eigenaren van woningen en bedrijven betalen eigenarenbelasting. Gebruikers van een pand dat geen woning is, betalen gebruikersbelasting. De WOZ-waarde (WOZ = Waardering Onroerende Zaak) is de basis voor deze belasting. Het bedrag dat betaald moet worden, is een percentage van de WOZ-waarde en staat op de jaarlijkse aanslag.

De onroerendezaakbelasting is een tijdstipbelasting

Voor het bepalen van de belastingplicht geldt de situatie per 1 januari van het belastingjaar. Als iemand in de loop van het jaar zijn huis verkoopt, wordt deze verandering meegenomen in het volgende belastingjaar. De waarde van het object, bijvoorbeeld de woning, is die van 1 januari van het jaar ervoor. Door deze peildatum liet de OZB-aanslag voor 2025 een stijging van de WOZ-waarde zien door stijgende verkoopprijzen (in 2023).

We hebben alleen invloed op de geraamde OZB-opbrengst

De ontwikkeling van het OZB-tarief hing vooral af van de vastgoedmarkt (WOZ-waarden die samenhangen met de verkoopprijzen). Omdat de gemiddelde waarde op de vastgoedmarkt steeg, verlaagden we het OZB-tarief voor 2025. Anders zou de OZB-opbrengst hoger worden dan de raming. Als de gemiddelde waarde op de vastgoedmarkt was gedaald, hadden we het OZB-tarief verhoogd om te voorkomen dat de OZB-opbrengst daalt. We verhoogden de OZB-opbrengst alleen met het prijsindexatiecijfer.

Ook bij niet-woningen werken we met m2 oppervlakte als parameter

Vanaf 2022 gebruiken we voor woningen de oppervlakte als parameter (m2) in plaats van de inhoudsmaat (m3). Vanaf 2025 geldt dit ook voor bedrijfswoningen. De conversie is tijdig gerealiseerd en gaf geen extra bezwaren. Daarbij is ook tegelijkertijd een actualisatie van de bedrijfswaarden uitgevoerd, waardoor de OZB-opbrengst niet-woningen in 2025 steeg naar € 3.130.000 (€ 136.000 V).

De kosten voor no cure, no pay-bedrijven werden lager

Vanaf 2024 zijn er wijzigingen in de wetgeving met betrekking tot no cure, no pay-bedrijven (ncnp-bedrijven). Zij helpen belastingplichtigen bij het indienen van bezwaar tegen de WOZ-waarde. De twee belangrijkste wijzigingen waren dat die bedrijven de vergoedingen ontvangen via hun opdrachtgever (de belastingplichtige) en de vergoedingen, die ncnp-bedrijven ontvangen voor hun diensten, zijn verlaagd. We stimuleerden belastingplichtigen om zelf bezwaar bij GBTwente in te dienen. Zo hielden we de kosten voor ncnp-bedrijven laag. In de raming gingen we uit van de realisatie in het voorgaande jaar (€ 157.000). Voor 2025 werd het uiteindelijk € 57.000 (€ 100.000 V) omdat het aantal bezwaren zakte en beroepszaken niet werden doorgezet.

We verhoogden de ozb-opbrengst met € 526.000 en verlaagden tegelijkertijd de opbrengst voor rioolheffing

In de Programmabegroting 2025-2028 legden we vast dat we de opbrengst van de onroerendezaakbelasting (OZB) met € 526.000 gingen verhogen als tegenhanger van de verlaging van de rioolheffing (deelprogramma 2B Aantrekkelijke leefomgeving). Belangrijk is dat de woonlasten voor inwoners niet stegen. De verhoging van de OZB-opbrengst gold zowel voor eigenaren van woningen als voor eigenaren en gebruikers van niet-woningen.

We volgden de ontwikkeling van de WOZ-waarden 

We houden de waardeontwikkeling van objecten bij voor de drie groepen die OZB betalen. De WOZ-waarden volgden de verkoopprijzen en ontwikkelden zich als volgt:

Ontwikkeling WOZ-waarden

Jaarstukken 2023

Jaarstukken 2024

Begroting 2025

Werkelijk 2025

RAMING WOZ-waarde bij tariefbepaling (oktober x € 1.000)

Eigenaren woningen

6.666.500

6.762.000

7.129.000

Eigenaren niet-woningen

818.000

807.500

859.500

Gebruikers niet-woningen (deel van niet-woningen zonder woning)

658.500

669.500

705.500

Aantal objecten

19.253

19.136

20.917

1

Gemiddelde waarde per object (woning en niet-woning)

389

396

382

  1. 1 Opgave cijfers GBTwente voor 31-12-2025. In de begroting 2025 werd uitgegaan van kerngegevens BAG (CBS-opgave).

De WOZ-waarde voor gebruikers is lager dan voor eigenaren

In het geval van bedrijven is de WOZ-waarde waarover OZB-gebruikers de belasting betalen, altijd lager dan de WOZ-waarde voor OZB-eigenaren. Volgens de wet mogen we over de woononderdelen van een niet-woning geen OZB-gebruikersheffing geheven worden. Dit is bijvoorbeeld het geval bij een agrarisch bedrijf, waar de eigenaar van het bedrijf ook zijn woonverblijf heeft.

Reclamebelasting

Reclamebelasting heffen we op verzoek van ondernemers over openbare aankondigingen die vanaf de openbare weg zichtbaar zijn. Voorbeelden zijn gevelreclame, raamstickers, posters, vlaggen, uithangborden, luifels en spandoeken. We heffen deze belasting in het centrum van Vorden, Hengelo en Zelhem, en op het industrieterrein van Zelhem.

De belastingopbrengst gaat naar de stichting Ondernemersfonds van de kern of industrieterrein

De belastingopbrengst gaat, na aftrek van de uitvoeringskosten van GBTwente, via subsidie naar de stichting Ondernemersfonds voor de kern waarover we de belasting heffen. Voor het industrieterrein Zelhem gaat de opbrengst naar de stichting die het parkmanagement uitvoert. We verantwoorden de subsidies in deelprogramma 3A Economie (2.1.3). We ontvingen in 2025 € 100.000 voor de kernen en keerden € 66.000 uit als subsidie. Voor industrieterrein Zelhem ontvingen we € 41.000 en keerden € 30.000 uit als subsidie.

We veranderden alleen een geringe gebiedsafbakening in de reclameverordening voor de kern Hengelo

We heffen reclamebelasting binnen een bepaald gebied. Uit controles bleek dat de afbakening in Hengelo niet duidelijk genoeg was. We herstelden dit bij de vaststelling van de verordening in november 2024 door het verwijderen van een deel van de Regelinkstraat. Hier is een bedrijf gevestigd dat niet tot de doelgroep Detailhandel behoort. Ook werd het gebied aangepast omdat er woonstraten in het gebied zijn gevestigd die niet tot het winkelgebied kunnen worden gerekend. Voor de aanslagoplegging in 2025 geldt de nieuwe afbakening. De deelnemende ondernemers vroegen niet om een wijziging in de tarieven voor 2025.

Forensenbelasting

Deze belasting is voor mensen die vaak in een gemeente verblijven, maar er niet wonen. Ze betalen mee aan de voorzieningen. Zo dragen ze bij aan de kosten. We vragen alleen forensenbelasting aan mensen die meer dan 90 dagen een gemeubileerde woning gebruiken. We zorgden dat de opbrengst onafhankelijk werd van de ontwikkeling van de WOZ-waarden.
In 2025 zorgde een wijziging van de WOZ (Waardering Onroerende Zaak) van de recreatiewoning voor een verandering van de waardeklassen. Iedere klasse kent een vast bedrag, dat vaste bedrag is het tarief. De aanpassing van de waardeklassen leidde niet tot aanpassing van de opbrengst. Hierdoor betaalde de forens niet meer belasting. De opbrengst van de forensenbelasting werd wel beïnvloed doordat we de indexering toepasten op het tarief. In de jaren voor het belastingjaar 2025 was het tarief afhankelijk van de waarde van de woning in het economisch verkeer, zoals die geldt voor de OZB. Toen leidde een stijging in de WOZ-waarde tot een lager tarief en dus ongewijzigde opbrengst. GBTwente heeft bij deze belastingsoort de bestanden (de hoeveelheden onroerende zaken) geactualiseerd. Het aantal recreatiewoningen waarvoor deze belastingsoort wordt toegepast, steeg naar 332 woningen in 2025, waardoor de opbrengst steeg naar € 105.500 (€ 35.500 V).

Toeristenbelasting

Net als bij de forensenbelasting laten we mensen meebetalen die gebruikmaken van voorzieningen in onze gemeente, maar hier niet wonen. We heffen toeristenbelasting voor overnachtingen in Bronckhorst. Dit geldt voor mensen die niet in de gemeente wonen. Ze verblijven bijvoorbeeld op een camping, in een pension, op een ligplaats of in een vakantiehuisje. De verhuurder mag deze belasting doorberekenen aan de gasten. Wij innen na afloop van een kalenderjaar de belasting bij de verhuurder.

Wie voorzieningen gebruikte, betaalde mee

Over 2025 verwachten we € 504.000 te ontvangen op basis van ingekomen aangiften (€ 19.000 V). In Bronckhorst zetten we een deel van deze belasting in voor uitgaven voor toerisme en recreatie. Denk aan het verbeteren van wandelroutes, informatiepunten of andere voorzieningen. De begroting van toerisme valt onder deelprogramma 3A Economie (2.1.3).

We pasten het tarief aan voor grote groepsaccommodaties

Vanaf 2025 geldt er een aangepast tarief voor grote groepsaccommodaties met 20 bedden of meer. Dit soort accommodaties ontvangt vaak maatschappelijke groepen. Voor het jaar 2025 was het tarief voor zulke groepsaccommodaties € 0,40 per persoon per overnachting (gelijk aan 50% van het tarief voor mobiele kampeeronderkomens).