3B Duurzaamheid | Baten | Lasten | Saldo |
|---|---|---|---|
7.3 Afval | 5.078 | 4.086 | 992 |
7.4 Milieubeheer | 1.154 | 3.391 | -2.238 |
Totaal | 6.231 | 7.477 | -1.246 |
7.3 Afval
3B - 7.3 | Rekening 2024 | Begroting 2025 | Begroot na wijz. 2025 (A) | Rekening 2025 (B) | Verschil (A - B) | V / N |
|---|---|---|---|---|---|---|
Totaal lasten (4) | 3.671 | 3.445 | 3.286 | 4.086 | -800 | N |
Totaal baten (8) | 4.543 | 4.371 | 4.268 | 5.078 | 810 | V |
Saldo | 872 | 926 | 982 | 992 | 10 | V |
7.3 Bijdrage Circulus (lasten € 435.000 N)
De kosten voor het inzamelen en verwerken van afval vallen hoger uit omdat de opbrengsten uit grondstoffen niet meer in de overeenkomst met Circulus worden verrekend. We ontvangen deze opbrengsten nu zelf.
7.3 Resultaat afval (lasten € 414.000 N)
We hebben een overschot op afval van € 310.000, twaar we bij de begroting rekening hielden met een verlies van € 104.000. Dit overschot voegen we toe aan de gelijknamige voorziening Afvalstoffen. Deze toevoeging aan de voorziening leidt tot een nadeel van € 414.000 in de exploitatie.
7.3 Opbrengsten PMD en Circulus (baten € 580.000 V)
De bijdragen van de verpakkingsindustrie (Verpact) leverden meer geld op. Oorzaken zijn nabetalingen over voorgaande jaren en er meer kilogram verpakkingsafval is ingeleverd. Het restant overschot (€ 245.000 V) komt doordat Circulus de opbrengsten uit de grondstoffen met ingang van 2025 afzonderlijk met ons verrekend.
7.3 Afvalstoffenheffing (baten € 228.000 V)
We verlaagden in de 1e tussenrapportage 2025 de afvalstoffenheffing met € 100.000, omdat we dachten dat de opbrengsten lager werden. Nu blijkt dat de verwachte raming voor 2025, samen met de gerealiseerde opbrengsten van 2024 voor ledigingen, zorgden voor een overschot.
7.4 Milieubeheer
3B - 7.4 | Rekening 2024 | Begroting 2025 | Begroot na wijz. 2025 (A) | Rekening 2025 (B) | Verschil (A - B) | V / N |
|---|---|---|---|---|---|---|
Totaal lasten (4) | 3.028 | 3.227 | 3.279 | 3.391 | -112 | N |
Totaal baten (8) | 980 | 1.285 | 1.120 | 1.154 | 34 | V |
Saldo | -2.048 | -1.942 | -2.159 | -2.238 | -78 | N |
7.4 Aanpak energie armoede (lasten € 38.500 V)
Vanuit het rijk ontvingen we subsidie ter bestrijding van energiearmoede. In de 2e tussenrapportage 2025 verdeelden we, doordat het rijk de regeling met een jaar verlengde, de besteding van deze subsidie over 2025 tot en met 2027. Desondanks besteedden we € 38.000 minder aan de witgoedregeling. Dit zit zowel op de besteding aan de regeling zelf (€ 23.000) als op de uitvoeringskosten (€ 15.500). De verstrekkingen zijn vooral in de tweede halfjaar achtergebleven omdat we de meeste mensen die hiervoor in aanmerking kwamen, al geholpen hadden. Om een nieuwe impuls aan de regeling te geven, is deze per 1 januari 2026 verlengd en verruimd, waardoor huiseigenaren met een inkomen tot 150% van de bijstandsnorm nu ook gebruik kunnen maken van de regeling. In de 1e tussenrapportage 2026 ramen we de besteding van deze middelen op 2027. Over de jaren heen besteden we dus niet minder aan de bestrijding van energie armoede.
7.4 Energietransitie (lasten € 57.000 V)
Vanuit het rijk ontvingen we CDOKE-middelen die we inzetten voor de uitvoering van de routekaart. Binnen dit geheel zien we diverse kleine verschillen die per saldo een voordeel opleveren van € 57.000. De grotere afwijkingen zitten vooral bij de uitvoeringskosten grootschalige opwek (€ 27.000), de dorpsenergieprocessen (€ 17.000) en de uitvoeringskosten van het gehele programma energie (€ 11.000).
Dit jaar werkten we aan meer duidelijkheid in het proces rondom windmolens, om invulling te geven aan onze Regionale Energie Strategie (RES) opgave. Met een uiterste indieningsdatum van 1 november is ruimte geboden aan initiatiefnemers om plannen in te dienen. Dit leidde tot één initiatiefnemer: Landgoed Keppel en Greentrust, waardoor de uitvoeringsfase en het bijbehorende budget in 2026 verder worden opgepakt. Daarnaast namen we de aanpak voor de Dorpsenergieprocessen onder de loep en synchroniseerden deze met de landelijke aanpak (warmtetransitie). We werkten dit jaar intensief gewerkt aan de voorbereidende fase van dit project. Het geraamde uitvoeringsbudget schuift daarom door. In de 1e tussenrapportage 2026 ramen we de besteding van deze middelen op 2026 en 2027. Dit hangt samen met de wijzigingen in de toekomstige CDOKE-middelen. In de Septembercirculaire 2025 staat dat de SPUK CDOKE wordt vervangen voor de decentralisatie-uitkering CDOKE. Voor 2026 zijn de beschikbaar gestelde middelen dus opgenomen in het gemeentefonds, voor de periode daarna nog niet.
7.4 Kapitaallasten (lasten € 34.000 V)
Op de zonnepanelen op het gemeentehuis schrijven we ieder jaar af. Deze lasten stonden hier niet goed, die horen onder Beheer overige gebouwen en gronden (taakveld 0.3). Bij dat taakveld hebben we dit al toegelicht. In 2026 is dit hersteld.
7.4 ODA (lasten € 110.000 N)
We gaven meer uit aan de ODA (€ 110.000 N). Dit heeft zowel incidentele als structurele oorzaken. Denk hierbij aan de PFAS verontreiniging bij De Betteld en Tennet (incidenteel). De ODA is adviseur en toezichthouder bij de aanpak van de PFAS-verontreiniging. Verder is er een blijvende stijging van de vraag om specialistische adviezen (structureel) door toename van bouwvergunningen en RO-procedures (o.a. woningbouw). Aan het eind van 2025 was er een toename van verlenen van omgevingsvergunningen (verwachting structureel).
7.4 Aanpak energie armoede (baten € 38.500 N)
Vanuit het rijk ontvingen we subsidie ter bestrijding van energiearmoede. Zoals eerder toegelicht onder de lasten besteedden we minder middelen aan deze witgoedregeling, waardoor we ook minder subsidiemiddelen hiervoor nodig hadden. Per saldo is deze afwijking budgettair neutraal.
7.4 Uitvoeringskosten energietransitie (baten € 52.000 V)
Vanuit het rijk ontvingen we nog CDOKE-middelen. We hielden er rekening mee dat we niet alle kosten voor de energietransitie konden dekken uit de CDOKE-middelen. Deze hadden we namelijk voorzichtigheidshalve in de tussenrapportages 2025 al verdeeld over 2025 en 2026, want we wisten nog niet of we in 2026 CDOKE-middelen zouden krijgen. We hebben er, mede doordat de CDOKE-middelen voor 2026 in de Septembercirculaire 2025 staan, voor gekozen om de uitvoeringskosten energietransitie uit de CDOKE-middelen te dekken in plaats van uit de gemeentelijke middelen. Dit leidt tot een eenmalig voordeel. De resterende CDOKE-middelen verdelen we in de 1e tussenrapportage 2026 over 2026 en 2027.
7.4 Verkoop Op morgen mobiel (baten € 20.000 V)
We hielden voor 2026 rekening met de verkoop van de Op morgen mobiel. Deze verkoop realiseerden we al in 2025, waardoor deze opbrengsten nu voor een voordeel zorgen. In de 1e tussenrapportage 2026 passen we de raming in 2026 hierop aan.

Deelprogramma 3B